Ablatie

Hartritmestoornissen: boezemfibrilleren – ablatiebehandeling

Bij een hartritmestoornis is er een verstoring van de normale hartslag. Er zijn verschillende soorten ritmestoornissen, waarvan boezemfibrilleren de meest voorkomende stoornis is. Boezemfibrilleren wordt ook wel eens atriumfibrilleren (AF) genoemd.

Het hart bestaat uit twee boezems en twee kamers. De rechterboezem vangt het zuurstofarme bloed op en pompt deze naar de rechterkamer. Vanuit hier gaat het via de longslagader naar de longen, neemt zuurstof op en stroomt vervolgens de linker boezem en kamer in. Het zuurstofrijke bloed verlaat dan het hart en stroomt via de aorta het lichaam in.

Symptomen boezemfibrilleren

Middels een elektrische prikkel wordt het hart aangezet tot samentrekken. In een gezond hart begint deze prikkel in de sinusknoop, welke is gelegen in de rechterboezem. Via de boezemwanden verplaatst deze verder naar de spiercellen van de kamers. Bij boezemfibrilleren functioneert dit prikkelgeleidingssysteem niet goed en volgt de elektrische prikkel een alternatieve route. Het gevolg hiervan is dat de kamers niet in de juiste volgorde en snelheid samentrekken, zodat er een onregelmatige hartslag ontstaat. De hartslag kan soms behoorlijk snel gaan: 100 -160 slagen per minuut.

Vaak klaagt de patiënt over ernstige vermoeidheid, kortademigheid, onrustig slapen, angst en opgezette benen.

Factoren die alleen of tezamen boezemfibrilleren veroorzaken zijn o.a. een hoge bloeddruk, maar ook hartklepafwijkingen, atherosclerose (aderverkalking) van de kransslagvaten, hartfalen, obesitas (overgewicht), longziekten of schildklieraandoeningen.

Aanval boezemfibrilleren

Heeft men last van boezemfibrilleren dan is deze aandoening in principe altijd in meer of mindere mate, aanwezig (dag en nacht, tijdens activiteit, maar ook tijdens rust of in de slaap). Echter bij een heftige verstoring van het hartritme, openbaart zich de stoornis in de vorm van een aanval van boezemfibrilleren. Zo’n aanval kan een aantal dagen aanhouden.

De patiënt ervaart in dit geval hartkloppingen, onregelmatige hartslag met het gevoel dat het hart op hol slaat, een onaangenaam gevoel of pijn op de borst, flauwvallen of licht gevoel in het hoofd, vermoeidheid, kortademigheid of zwakte. Ook kan de patiënt ineens enorm gaan transpireren.

Behandeling boezemfibrilleren

Door de ritmestoornis wordt het bloed niet goed rondgepompt in het hart en kan het bloed stollen. De behandeling bij boezemfibrilleren bestaat dan vaak uit stollingsremmers om de kans op bloedstolsels (trombus) te verminderen. Om verdere controle over het ritme te houden kunnen anti-aritmica ingezet worden. Hierbij is het doel om het elektrische signaal te normaliseren.

Indien het boezemfibrilleren niet goed onder controle kan worden gehouden met medicatie kan ablatie overwogen worden. Deze behandeling kan de onaangename symptomen van boezemfibrilleren verminderen en de kwaliteit van leven verbeteren.

Radiofrequente katheterablatie

Radiofrequente katheterablatie is een minimaal invasieve ingreep waarbij hartweefsel verhit wordt. In de weken na de ingreep zal het lichaam zelf deze brandplekjes vervangen door littekenweefsel. Het is dit littekenweefsel dat de hartritme stoornis isoleert en daarmee beëindigt.

Wat houdt een ablatiebehandeling in?

Bij deze techniek wordt middels röntgen doorlichting een dun slangetje met daarin een draad (elektrode) via een ader of slagader in de lies in het lichaam gebracht en naar het hart geleid. Zodra de katheter in het hart zit wordt de bron van de abnormale elektrische signalen gelokaliseerd. Vervolgens wordt door middel van verhitting met hoogfrequente straling kleine littekentjes gebrand, zodat de elektrische prikkels niet meer doorgegeven worden en de bovengenoemde alternatieve route(s) blokkeerd.

Na afloop van de ablatie wordt door de cardioloog getest of de hartritmestoornis is verdwenen (zien, meten en objectiveren). Daarvoor wordt geprobeerd de hartritmestoornis op te wekken door middel van medicijnen of elektrische pulsjes in het hart. Lukt het niet meer om de hartritmestoornissen op te wekken, dan is de behandeling in principe geslaagd.

De ingreep zelf kan vervelend of pijnlijk zijn. Het risico op ernstige complicaties van een ablatiebehandeling is laag en de succeskans is de laatste jaren enorm gestegen.

Ablatiebehandeling onder narcose

Gewoonlijk blijft de patiënt “bij kennis” tijdens de ablatiebehandeling. Wel krijgt de patiënt een lokale verdoving, daar waar de katheter ingebracht wordt (meestal in de lies).

In het Hospital Clinica Benidorm (HCB) wordt de ablatiebehandeling onder narcose uitgevoerd, zodat de patiënt niets merkt van de ingreep.

De afdeling Cardiologie werkt met een ver geavanceerde techniek, waardoor ablatie onder narcose mogelijk is. Ook in Nederland is in een aantal ziekenhuizen ablatie onder narcose mogelijk, echter hiervoor bestaan lange wachttijden. Mocht u graag de ablatie ondergaan onder narcose op korte termijn, dan kunt u gebruik maken van de mogelijkheden in het HCB.

MedicoHelp werkt samen met het HCB ziekenhuis. De Cardiologie afdeling wordt geleid door een Nederlandse cardioloog. Voor de ablatiebehandeling zijn geen wachttijden waardoor u snel geholpen kunt worden. Het ziekenhuis ligt aan de oostkust van Spanje in de buurt van Alicante.

Nazorg in Nederland

De intake en vooronderzoeken worden op de eerste dag ingepland. De tweede dag vindt de behandeling plaats en na de behandeling blijft de patiënt minimaal 24 uur in het ziekenhuis ter observatie (de kritieke tijd waarin eventuele complicaties zich openbaren).

De nazorg wordt in een persoonlijk plan met de patiënt besproken. Mocht het nodig zijn, dan heeft de cardioloog in Spanje voor en na de ablatiebehandeling contact met de cardioloog van de patiënt in Nederland.

Meer informatie

Wilt u meer weten over de ablatiebehandeling in Benidorm of bent u benieuwd naar de ondersteuning die MedicoHelp u kan bieden? Neem dan contact met ons op, wij informeren u graag over de mogelijkheden.
HCB BenidormContact